top of page
Logo heemkundige kring Houthalen-Helchteren © Ivo Brouwers

Het logo van de heemkundige kring

Dit logo werd ontworpen door Ivo Brouwers bij gelegenheid van de uitgifte van de brochure "De Kapelletjesroute" in 2001 en lichtjes gewijzigd in 2011 door toevoeging van de 2 schachtbokken.

Vooreerst verwijzen we naar het hart dat het geheel omspant en betrekking heeft op de goede verstandhouding die gegroeid is uit de fusie van beide gemeenten tot een geheel van Houthalen-Helchteren. Het kerkje staat symbool voor de oude gemeenschappen die geconcentreerd waren rond de beide kerken. Het gele huis en de rode daken verwijzen naar de talrijke woonwijken. De drie lichtgroene boomgroepen hebben betrekking op de drie natuurparken die onze gemeente rijk is nl. Hengelhoef, Kelchterhoef en Molenheide. De andere bomen duiden op de talrijke groene partijen en bossen in de gemeente. De zon nodigt vakantiegangers uit naar de vakantiecentra die onze gemeente reeds grote bekendheid hebben gegeven. De 2 schachtbokken verwijzen uiteraard naar het mijnverleden van onze gemeente.

Onze naam De Klonkviool

Klonkviool_Lievens.png

De klonkviool is een traditioneel snaarinstrument dat in onze streken ook wel eens blokviool, klompviool of kloon/kloenviool genoemd wordt, maar de officiële benaming is een hommel. Ook in andere landen en op andere continenten worden gelijkaardige instrumenten bespeeld: bijvoorbeeld de Finse kantele, de Franse épinette, de zither uit de Alpen en de Amerikaanse dulcimer.

 

Een hommel bestaat uit een langwerpige klankkast met twee sets snaren op. Een drietal melodiesnaren worden tussen frets neergedrukt met een stokje en aangeslagen met een plectrum. De begeleidingssnaren worden altijd los getokkeld; zij klinken altijd als hetzelfde akkoord of als bourdongeluid mee. De klonkviool staat normaal in sol of la met de vijf melodiesnaren op de kwint gestemd en de begeleidingssnaren een akkoord van sol of fa groot.

 

Dit instrument ontstond in de late middeleeuwen maar heeft eeuwenlang een onopvallende rol gespeeld omdat het een huisinstrument was met een stille klank. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de hommel plots weer populair: de soldaten in de loopgraven rond Ieper bouwden zelf ‘frontmandolines’ met doodskistenhout en telefoondraad. Na de oorlog namen zij die hommels mee naar huis, en zo werd het instrument een rage in de jaren ‘30.

 

Begin 2018 werd een echte klonkviool geschonken aan onze heemkring door Jos Lievens, die het instrument had gekregen van een neef van zijn vrouw. Daarnaast hebben we ook een klompviool aan de muur hangen.

 

Bron: volkskunde-limburg.be

Klompviool_Brouwers.png

De naam Klonkviool verwijst dus naar een klompviool, een oud volksinstrument. Klonk is het dialectwoord voor klomp.

 

In de loop van de geschiedenis werden er door het ontbreken van geldelijke middelen, sporadisch violen gebouwd met als basis een veelal versleten klomp. Daar de klankstructuur van dit houten schoeisel te wensen overlaat, klinkt een klompviool net zo origineel als ze er uit ziet.

​

Zie ook: http://museaindrenthe.nl/collectie/object/1b6663cd-6610-3554-5e97-eb0eeee55bbf

De klompviool die tegen de schouwmantel van ons lokaal in de Pastorijstraat hangt werd vervaardigd door Laurent Brouwers. Als klankkast gebruikte hij een echte klomp. De opening van de klomp werd groter uitgezaagd aan de wreef van de voet om een vlakkere klankkast te bekomen. Daarna werd de klomp afgedekt met een bovenplaat met daarin een klompvormig klankgat. Voor de stemschroeven in de hals van de viool gebruikte Laurent  onderdelen van een viool die zijn vader tijdens de laatste dagen van WO II gevonden had in het station van Neerpelt. Toen de Duitse soldaten zich in aller ijl per trein terugtrokken uit ons land hadden ze heel wat 'oorlogsbuit' vergaard. Daartoe behoorde (waarschijnlijk) ook deze viool. De vader van Laurent was douanier en tijdens een inspectieronde op een trein vond hij deze in der haast achtergelaten viool.

bottom of page